© 2009 -






Smaaktechnisch gezien onderscheidt wijn afkomstig van biologische landbouw zich niet
per se van conventionele wijn. In beide gevallen leveren kwalitatief goede druiven
met de juiste wijnbereidings-
Een feit is wel dat kleinschalige producenten veel preciezer en doelgerichter kunnen werken dan grootschalige bedrijven. Vanuit die startpositie zal een dergelijke ‘biologische’ wijn meer concentratie en kwaliteit kunnen bevatten dan een grootschalig geproduceerde ‘biologische’ wijn.
En last but not least is natuurlijk de wijnmaker zelf de doorslaggevende factor waar alles om draait. Alleen met zijn inzichten en aanpak zijn kwaliteitsdruiven en daarmee kwaliteitswijn mogelijk.
Biologische wijn en biologische landbouw zijn twee verschillende zaken, waarbij de eerste (nog) niet bestaat en de tweede wel. Biologische landbouw in de praktijk berust op het principe dat de vruchtbaarheid van de bodem zodanig in stand gehouden wordt dat de consument een gezond product krijgt. In de praktijk betekent dat een absoluut verbod op het gebruik van onkruidbestrijdingsmiddelen.
Daarnaast gebruiken biologische werkende boeren organische, in de natuur ontstane, mest en nemen zij zodanige planten beschermende maatregelen dat er geen negatief of vervuilend effect op het milieu plaats vindt.



Biologische wijn bestaat pas als niet alleen over landbouw, maar ook over
de wijnbereiding duidelijke afspraken
en richtlijnen bepaald zijn. En wat de wijnbereiding betreft is er nog geen eenduidigheid.
Vandaar dat biologische wijn vooralsnog niet bestaat, maar een lichtpunt is wel dat
als een wijnboer zuiver biologisch werkt in zijn wijn-
in zijn kelder.
Kleinschalig werkende producenten lijken wat dat betreft in het voordeel, omdat grootschaligheid over het algemeen meer technologische ingrepen vereist zoals filtraties, klaringen en gebruik van conserveringsmiddelen.

